PvdA thijsberman Thijs Berman

PVDA - thijsberman - weblog

Dagboek Kenia

Zaterdag 14 mei.

Na vijf uur rijden (langs borden met « slow down, Jumbos crossing », maar geen olifant gezien, wel kleine antilopen) komen we aan in Kapelbok, een dorp waar alle verschillende inspanningen van Dierenartsen zonder grenzen zichtbaar zijn. Er staat hooi onder een afdak, voor magere tijden. Ook zijn er maisvelden, opdat de geiten genoeg te eten hebben. Een boer vertelt dat ze nu zelfs veevoer geven aan buurdorpen. We luisteren naar hem in de schaduw van het hooischuurtje. Sommigen van onze groep moeten in de zon blijven staan bij gebrek aan plaats.

 

Ons bezoek is diepgaand en erg goed voorbereid en er zijn zelfs mensen uit Soedan en Uganda gekomen om hun verhaal te houden over de herders. Het hele dorp staat ons op te wachten. Met drie verschillende dansgroepen die in de schaduw van een paar grote bomen zingen over ons bezoek en over de toekomst van de herders. Het geheel wordt ingeleid door een gebed van de dorpsoudste, een kromgegroeide man met onwaarschijnlijk magere, houtige benen. Hij maakt wilde gebaren en ik denk aanvankelijk dat het om de verdrijving van boze geesten gaat. Later blijkt dat hij de vijanden vervloekt, een naburige stam in de bergen. Iedereen applaudisseert en knikt bij zijn verhaal.

 

Stammenstrijd. Een paar jaar geleden vielen hier nog tientallen doden. Nu lopen de herders nog steeds met geweren, tegen veedieven uit de bergen. Het is een onbetrouwbare stam van veedieven, die lui in de bergen, wordt gezegd. Dat zij zelf die stam het gebruik van die ene rivier met water verbieden, en dat ze hen daarmee de diepste armoe en ellende in jagen, daar staan ze niet bij stil. Het komt door de armoe, zegt een van de Keniaanse veeartsen die met ons meereist. Als de mensen maar wat meer hadden, dan zouden ze makkelijker kunnen delen.

Ook onderwijs zou een groot verschil maken. Nu wordt jong en oud met sprookjes in de ban gehouden van een vijand die net als zijzelf met moeite een bestaan weet te verwerven. Weinig water, weinig begraasbaar land, vrijwel geen medische zorg, en voor een middelbare school moeten kinderen uren of dagen reizen.

 

Maar omringd door dansende en zingende mensen lopen we door Kapelbok. Ze maken een dorpsfeest van dit bezoek. De burgemeester wijkt in vol ornaat niet van mijn zijde, in een kaki uniform met een kort zwart stafje. Kenia Administration, staat er op de donkerrode tressen op zijn schouders. Een moment van trots. Dit dorp blijkt geprofiteerd te hebben van de Food Facility, het Europese plan van een miljard Euro voor voedselzekerheid in ontwikkelingslanden waar ik drie jaar geleden het initiatief toe nam. Geld voor goede gewaszaden, voor technische hulp aan boeren, voor bemesting en voor microkredieten.

Hier is door Dierenartsen zonder Grenzen technische bijstand gegeven aan de herders, met een training voor het herkennen van dierziektes. Een hogere opbrengst betekent meer inkomsten en dus betere voeding.

 

Ook is hier een gezamenlijke kas gekomen waaruit kleine leningen – tussen 5 en 100 euro – gegeven kunnen worden aan de dorpelingen. De kas wordt ons getoond, het is een roze geverfde houten kist met drie sloten erop. Drie vrouwen hebben de sleutels, in verschillende huizen. De doos wordt elke nacht op een andere, geheime plek verstopt. Ze kopen er geneesmiddelen van, en geiten. Sommige gezinnen betalen er de schoolcontributie mee. De terugweg gaat sneller. We sturen de autos vooruit en winnen zelf twee uur door een ondiepe rivier door te waden. Nu blijkt dat we dit dorp vanmorgen eigenlijk al vrijwel hadden bereikt maar dat ze ons niet door de rivier wilden laten lopen. Dus reden we een heel eind verder naar de brug. De wagens staan ons op te wachten aan de andere oever, en onze benen hebben even een lauw bad kunnen nemen in okerkleurig snelstromend water.

 

Xenophon, de Griekse veldheer doemt op in mijn herinnering. Onze leraar Grieks vertaalde sommige zinnen liever zelf. « De verkenners kwamen terug van de rivier en meldden dat zij hem waren overgestoken en dat hun, eh, nou ja, zeg maar middel, niet nat werd. » Het is al avond als we in het hotel van het bisdom terugkeren. Daar wacht de Ierse pastoor ons op met energieke opmerkingen vol ironie over zijn bekeringsdrang. Hij is niettemin een machtsfactor van formaat. Het bisdom maakt en breekt in deze streek maatschappelijke carrières, wordt ons door anderen verteld.

lees meer

16-05-2011

Dagboek Kenia

Vrijdag 13 mei.

Met een ongehoord harde klap landt de piloot het kleine toestel op de landingsbaan van Lodwar. Welkom in Noord-Kenia.

Van hieruit worden (mijn medewerker) Tessel en ik rondgereden door CELEP, een groepje Europese NGOs dat zich in dit gebied inzet voor de toekomst van de voornaamste bron van bestaan hier, de veehouderij door de herders– men noemt ze ook wel pastoralisten. Zo noemt Govert van Oord ze in elk geval, die met ons meereist; hij vertegenwoordigt deze club NGO’s. Dierenartsen Zonder Grenzen is er ook bij, en een aantal lokale boerenorganisaties. Zij geven advies aan de veehouders in deze uitgestrekte regio van honderden kilometers langs de Soedanese en Ugandese grenzen van Kenia. Het is een onafzienbare vlakte met bergen aan de horizon. Gras groeit er nauwelijks, er staan kurkdroge struiken. De rivieren staan bijna allemaal droog. Schokkend, zelfs voor Kenianen in de hoofdstad Nairobi : in de beddingen zie je soms kleine groepjes mensen naar water graven. Kinderen scheppen het water uit de kuilen en dragen het in gele jerrycans op hun hoofd naar de dorpjes, soms kilometers ver. Hier kunnen alleen herders een bestaan vinden, het is te droog voor elke andere vorm van landbouw. De droogtes volgen elkaar door de klimaatverandering steeds sneller op en ook dit jaar laat het regenseizoen al twee maanden op zich wachten. Sommige stukken land zijn al verwoestijnd. Koeien zie je zelden, behalve bij de enkele rivier waar nog water door stroomt. De enige dieren die hier overleven zijn geiten en kamelen.

Vanuit de dorpen trekken de families met hun kuddes door de vlakte, de vrouwen met zware kettingen van kleurige kralen om de hals, de mannen met hun herdersstaf en een eenpotig houten krukje in de hand. Ze bouwen schamele hutten van takken, bladeren en lappen stof, blijven totdat het schaarse groen is kaalgevreten en trekken dan verder met hun kudde. In die periode van rondtrekken met hun kudde kunnen de kinderen niet naar school, dat kan pas als het natte seizoen is aangebroken en ze langer op een plek blijven. Honderden geiten hebben ze soms, maar veel waard zijn ze niet. Bij gebrek aan goede wegen hebben de pastoralisten geen toegang tot de markt van Nairobi en een geit brengt in deze dorpjes niet meer dan vijf euro op.

Dat alles aanschouwen wij in een klein dorp dat we met terreinwagens op rally-snelheid bereiken, over onverharde wegen.

We slapen in een gastenverblijf van het bisdom van Lodwar. Keurig aangeharkte tuin, vriendelijke nonnen, verwilderde poezen en veel muggen.

 

lees meer

16-05-2011

Naar een nieuwe deal voor Europa

Het is vandaag de Dag van Europa (9 mei). We staan stil bij het feit dat op deze dag in 1950 de Franse minister Schuman in een ambitieuze verklaring aangaf dat er een supranationale organisatie zou worden opgericht die we nu kennen als de Europese Unie. Het doel was 'nooit meer oorlog' in Europa, dankzij vervlechting van de nationale economieën van de twee grootste rivalen, Duitsland en Frankrijk. Die gedachte staat nog steeds als een huis.

Volledige werkgelegenheid en de verzorgingsstaat
Na de Tweede Wereldoorlog werd er politieke consensus bereikt in West Europa over een Keynesiaanse indeling van de economie, gericht op volledige werkgelegenheid en een verzorgingsstaat. Het leidde tot meer dan 2 decennia van economische groei en de internationalisering van kapitaal en arbeid nam toe. Dit waren de basisingrediënten voor het ontstaan en de uitbreiding van de EU en haar gemeenschappelijke markt zoals we die nu kennen.

De consensus over het verdelende en regelgevende karakter van de staat zorgde bovendien voor een vergroting van de uitgaven voor de verzorgingsstaat. Ook al waren er grote verschillen tussen de Europese verzorgingsstaten, de relatief lage werkloosheid en hoge economische groei zorgden voor een toename van uitgaven voor de verzorgingsstaat in alle delen van Noordwest Europa. De zuidelijke lidstaten waren daarentegen straatarm en van een verzorgingsstaat kon hier niet gesproken worden. De huidige economische voorsprong van Noordwest Europa is niets nieuws.

Bezuinigingen op welvaartsstaat
De erkenning van de grenzen van de macht van de natiestaat en de financiële 'last' van de verzorgingsstaat stimuleerden een zoektocht naar nieuwe neoliberale grootschalige toezichtsystemen waarin de macht van de overheid moest krimpen. Het leidde tot een herdefiniëring van de grenzen tussen de publieke sector en de private sector. Het leidde ook tot zware bezuinigingen op de welvaartsstaat. De verschillende verzorgingsstaten in de EU begonnen door deze veranderingen meer op elkaar te lijken. De lidstaten bleven echter verantwoordelijk voor hun sociale regelgeving, beleid en identiteit.

De nationale economische soevereiniteit nam af en men zag een grote rol voor de EU weggelegd in de vormgeving van de nationale economieën. De rol van de EU in sociale zekerheid is echter sterk beperkt gebleven. Er zijn veel barrières om de Europese Commissie een grotere rol te geven in sociaal beleid. De belangrijkste is dat de EU over te weinig instrumenten beschikt om een werkgelegenheidsstrategie te voeren. Dit komt door een grote mate van intergouvernementalisme, budgettaire beperkingen en moeilijkheden om de culturele verschillen tussen de Europese verzorgingsstaten te harmoniseren.

Economische crisis
Anders dan de leiders na de Tweede Wereldoorlog durven de huidige conservatief-liberale regeringleiders geen duidelijke keuze voor Europa te maken, terwijl de EU aan de vooravond staat van een aantal wezenlijke beslissingen.

De belangrijkste keuze die we zullen moeten maken is de manier waarop we uit de economische crisis komen. De reactie van Europa op crises is altijd afhankelijk geweest van de politieke wind die waaide door het continent. Op dit moment komt de wind van rechts en in sommige landen zelfs van zeer rechts. De keuzes die nu worden gemaakt zijn daardoor hard. Dit geldt voor alle landen, maar vooral voor Griekenland, Ierland en Portugal. Zij hebben de controle over hun economie verloren aan de markt en staan nu onder curatele van de Europese Unie en het Internationaal Monetaire Fonds. Saneren luidt het devies. De verschillen in Europa zullen hard gaan toenemen de komende jaren.

Toename sociale verschillen
Het debat over de economische toekomst zal gaan over de keuze tussen een sterke economische rol van nationale staat of een grotere rol voor de EU. In beide gevallen ziet het er naar uit dat de machtige markt het bereik en de controle van de staat zal beperken en de richting van Europa voor een groot deel zal bepalen. We gaan een onzekere toekomst tegemoet als we ons lot in handen van de markt leggen. De sociale verschillen zullen verder toenemen en ongelijkheid zal worden vergroot. De sociaaldemocraten hebben gepoogd met De Derde Weg de marktkrachten te gebruiken om juist deze sociale verschillen op te heffen. Dat project is mislukt, de ongelijkheid nam toe. De markt te veel vrijheid geven is een optie waarvan we de sociale gevolgen op de lange termijn niet kunnen betalen.

New Deal
We zullen grote stappen moeten zetten die tegenwicht bieden aan de markt en de bevolking weer de controle teruggeeft over haar eigen toekomst. Solidariteit mag niet worden neergezet als een financiële last die we ons niet kunnen permitteren.

Wat we nodig hebben is een New Deal, zoals president Roosevelt uitvoerde na de grote crisis van de jaren '30. Het zal een plan moeten zijn waarin we op onorthodoxe wijze de crisis te lijf gaan, en waarin we naast de bezuinigingen een serieus plan voorstellen om te investeren in kennis, innovatie en technologie.

Bovendien laten we de banken meebetalen aan de crisis via een financiële transactietaks. De bankensector komt niet onder een sanering uit, en heeft strak toezicht nodig. De risicodragende zakenbank moeten we scheiden van de consumentenbank. Alleen die laatste zal dan nog overheidsgaranties kunnen krijgen. In zo’n plan praten we niet alleen over matiging van de lonen van werknemers, maar ook over begrenzing van de bonussen van managers. De milieuproblematiek wordt serieus genomen en we komen op voor de zwaksten in de wereld, omdat een duurzame, rechtvaardige ontwikkeling leidt tot stabiliteit en vrede.

Al deze keuzes zijn alleen mogelijk wanneer we op onorthodoxe wijze te werk gaan. Helaas zit dat er momenteel niet in met een conservatief-liberale meerderheid in Europa. Toch mag een mens dromen van betere tijden. Dat deden ze 60 jaar geleden ook.

lees meer

11-05-2011

Kabul

Het eerste dat bij aankomst gevraagd wordt, door een breedgeschouderde bodyguard, is mijn bloedgroep voor het geval dat. Daarna is elke stap buiten de deur per zware gepantserde wagen, van vesting naar vesting. Elke ambassade, elk officieel gebouw heeft zijn eigen hoge betonnen muur met eigen bewakers. Daarbinnen is het leven veiliger dan in Brussel, alleen een wandelingetje zit er niet in.

Hotel Intercontinental, op een heuvel aan de rand van de stad, is een vesting met meerdere wegversperringen en veel beton. Daar zijn de introductiedagen van nieuwe parlementariërs in de Wolesi Jirga, in een te klein zaaltje op de vijfde verdieping. Buiten schijnt de winterzon op de dun besneeuwde hellingen rond Kabul, binnen zitten veel baardige mannen en ook een heel contingent vrouwen. Deze lichting is hoger opgeleid dan de vorige, één vijfde deel is echt analfabeet maar er zijn nu ook artsen en juristen gekozen. Hun grootste uitdaging wordt allereerst om het vertrouwen van de bevolking te veroveren, na de opnieuw frauduleuze verkiezingen. Er hebben te weinig mensen gestemd, hele regio's zijn slecht of niet vertegenwoordigt. Toch is dit parlement een deel van de oplossing. Afghanistan heeft een kritisch parlement nodig dat de stem is van het volk, een parlement dat de macht hinderlijk volgt en corruptie aan de kaak stelt. Die boodschap breng ik in een toespraak, namens het Europees parlement, en ik bied hulp aan in de vorm van trainingen voor de staf van de Wolesi Jirga. Alles moet vrijwel van de grond af worden opgebouwd, ook kennis over het functioneren van een parlement.

Dit zijn hoe dan ook moedige mensen, want elke parlementariër is een doelwit voor de Taliban. Vooral de vrouwen natuurlijk. Eén van hen, Shikeba Hashemi uit Kandahar, vertelt me: "Dit is mijn tweede mandaat, ondanks de bedreigingen ga ik door. Ik was in mijn regio zelfs de eerste die affiches gebruikte met mijn eigen gezicht erop. Pas toen ik dat deed durfden ook de mannen het aan."

Shikeba wil zich inzetten voor de rechtstaat. Onafhankelijke rechters, aanpak van de corruptie in de rechtbank die maakt dat de meeste mensen nu liever naar een Taliban-rechter gaan. "Niet om de Sharia, want die willen ze niet, maar omdat een Taliban-rechter niet zo snel corrupt zal zijn."

Een andere vrouwelijke parlementariër, Shinkei Karokhel, zegt me dat de situatie voor vrouwen nu moeilijker is dan een paar jaar geleden. "Verkijk je er niet op, ook mannen met dassen en zonder baard zien niks in gelijke rechten." Dat wordt onmiddellijk bevestigd door haar buurman en collega, de arts Zahir Zadit. "Ik ben best voor onderwijs voor vrouwen, maar het moet niet te ver gaan. Daar wordt onze samenleving instabiel van." Shinkei kijkt hem medelijdend aan en zwijgt.

Het gaat niet goed in Afghanistan. Politiek gezien winnen de Taliban zolang de corruptie aan de top zo blijft als hij is - Karzai's roofzuchtige regering is een constante reclameboodschap voor de opstandelingen. De hoop is dat dit nieuwe parlement zich tegen de corruptie zal keren - er zitten meer mensen in die tegen Karzai zijn. Maar zelfs als dat gebeurt is er nog geen reden voor optimisme. Het land staat nog steeds, na alle miljarden die erin zijn gepompt, bijna op de onderste plek van de Human Development Index (no. 181 van 182 landen). De veiligheidssituatie verslechtert. Er zijn meer buitenlandse soldaten, maar dat heeft weinig resultaat - behalve in Kandahar, waar de binnenstad een stuk rustiger schijnt te zijn geworden. Bijna overal elders beheersen de buitenlandse en Afghaanse troepen de straten alleen overdag. De nacht is voor de Taliban.

lees meer

17-01-2011

Verbazing in Brussel

Politici hebben als publieke figuren een voorbeeldfunctie en moeten zich respectvol tegenover hun medemensen gedragen, omdat de samenleving naar de mallemoer gaat als we daarmee ophouden. Lang leve het scherpe en harde debat, maar scheldpartijen maken de wereld naargeestig en we leven allemaal maar een keer.
Nigel Farage, de ultranationalist uit het Verenigd Koninkrijk, ziet dat anders. Hij kreeg daarom een boete opgelegd vanwege onwelgevoeglijk taalgebruik in het Europees Parlement. Zijn vergrijp was dat hij de voorzitter van de Europese Raad een dweil genoemd had, met de uitstraling van een bankbediende. Later weigerde hij deze woorden terug te nemen maar bood de bankbedienden zijn verontschuldigingen aan. Farage is een euroscepticus met humor, en slim genoeg om thuis, met verkiezingen op komst, in de media te scoren met een vette rel in Brussel.
Niets nieuws onder de zon. Taalverruwing staat altijd bovenaan het lijstje gedragsregels van populisten. De vaste pose van de populist is dat hij van de macht wordt uitgesloten door het establishment, dat niets begrijpt van het echte leven. Iemand als Wilders mag dan al jaren deel uitmaken van hetzelfde politieke establishment dat hij nu als zogenaamd buitenstaander aanvalt - de systematische en bewuste overschrijding van geldende fatsoensnormen, de onbeschaamde oproep tot discriminatie doet die feiten al snel verbleken bij de mediagenieke rellen die een populist ontketent. Wilders noemt elke politieke concurrent laf of knettergek. De populist zal andere partijen altijd afschilderen als ontaard, als van het volk vervreemd in de ivoren torens van de macht. Zonder direct contact met eigen bloed en bodem, enkel gevoed met studeerkamerwijsheid – en populisten haten de wetenschap, cijfers, statistiek. De misdaad daalt in Den Haag? Angst levert meer stemmen op. Intellectuelen, die nu eenmaal niet op het eerste gevoel afgaan, zijn daarom verdacht en moeten eerst maar eens tonen dat zij aansluiten bij het gesundes Volksempfinden. De populist compenseert met beledigingen wat hem aan argumenten en constructieve voorstellen ontbreekt, en appelleert daarmee aan de altijd sluimerende ergernis over degenen aan wie wij burgers nu eenmaal macht moeten afstaan.
Ik geloof niet zo in het nut van boetes. Iemand die zich in het parlement misdraagt kun je terecht wijzen, desnoods het woord ontnemen en als uiterste maatregel tijdelijk de zaal uitzetten. Een Britse collega van Farage maakte een paar maanden geleden een uiterst obsceen gebaar naar de zaal – hij had er wat mij betreft uitgezet mogen worden. Er zijn grenzen.
Het is alsof de overige partijen niet goed weten hoe ze met al dat geweld moeten omgaan. Het hoort niet bij ze, ze hebben er geen wapens tegen en willen zich er niet toe verlagen. Daardoor ondergaan ze het passief. De scheldkanonnades beantwoorden bovendien aan het latente schuldgevoel over de ‘kloof’ tussen burger en politiek, ook al is die kloof kleiner dan ooit. Politiek is geen speeltje van een kaste meer, werd de laatste decennia toegankelijk voor ongeveer iedereen met voldoende ambitie, kennis en vaardigheden.
Een hyperbeleefde vorm van schelden is “met verbazing” vaststellen dat iemand iets doet waar je het niet mee eens bent. Bedoeld wordt iets radicaal anders. Het is namelijk bij de wilde spinnen af, van de pot gerukt, van de ratten besnuffeld. Uit wellevendheid houden we het beheerst op een soevereine verbazing waarmee we onze superioriteit tonen; voor de goede verstaander is het een definitieve veroordeling.
Groenlinks grossiert in politieke verbazing. Op twitter, in persberichten: de Europarlementariërs van Groenlinks zijn continu ‘verbaasd’ over de politieke keuzes van de concurrentie. Meestal zijn die berichtjes reuze beschaafd maar nogal vilein opgesteld. Misschien heb ik de frontale scheldpartijen eigenlijk liever, in de categorie overbodige aanvallen op collega's. Mijn enige recept is: zorg dat je zelf goed bent en werf stemmen met kwaliteit.
 

lees meer

05-03-2010

Meer weblogs entries